Faalangst

Faalangst

Wat is faalangst en wat doet het met je?
Sommige kinderen (en volwassenen) hebben last van de gedachte dat iets mis zou kunnen gaan. Als die angst zo groot wordt dat het je in de weg gaat staan en er zelfs blokkades ontstaan die je hersenen beletten te doen wat nodig is, dan spreken we van ‘faalangst’. Andere lichamelijke reacties kunnen zijn: je weet de gewoonste dingen niet meer, je lichaam maakt zich door het sneller laten stromen van je bloed en het vlugger kloppen van je hart, door zweten en zelfs door je lichaamstemperatuur te verhogen, op om in actie te komen. Die actie kan bestaan uit: vechten, vluchten of bevriezen.

Angst is normaal
Angst is normaal. Het hoort bij het leven en zorgt ervoor dat je lijf je waarschuwt voor gevaar. Soms is dat gevaar reëel; zoals een auto of fiets die plots de hoek om komt als jij net wilt oversteken. Je vlucht dan snel terug naar de stoep.
Soms is de angst niet reëel. Stel dat je die toets of dat examen niet haalt? Dat is vervelend, maar je belandt er niet door in het ziekenhuis. Hooguit moet je de toets overdoen of nog een keer blokken voor dat examen. Het voordeel is dan dat je weet wat je nog beter kunt doen en daar kun je dan weer voor leren. Het gevaar is dus niet zo erg als je lichaam aangeeft en je laat denken.

Hoogsensitief
Kinderen die extra of anders gevoelig zijn (denk aan hoogsensitiviteit) kunnen zich terugtrekken om zich te beschermen en de hoeveelheid prikkels te verminderen. Dat lijkt sterk op faalangst, maar is dat wel zo (Meer hierover in het artikel van E. Bressers. Hoogsensitiviteit en faalangst. Laten we ze niet verwarren!)?

Is faalangst ‘koudwatervrees’ of angst voor het onbekende?
Nee, het gaat juist over situaties die je wel kent en waarvan je juist de afloop vreest. Of je vreest een minder leuke of zelfs negatieve beoordeling van een leerkracht, andere leerling of je ouders. ‘Testangst’ noemen ze het ook wel in de literatuur (Zeider, 1998; in Tijdschrift Remediaal: Faalangst, een dobbelsteen met zes zijden. No. 5, 2004 door Veenman, Dr. M. V. J.).
Faalangst is dus niet zomaar koudwatervrees of angst voor het onbekende. Faalangst heeft juist betrekking op situaties die de leerling wel kent en waarvan de leerling juist het evaluatieve karakter (de uitkomst of de uitslag van een examen of toets) vreest. Het gaat hierbij dan niet alleen om examenvrees in het algemeen, maar vooral om angst voor negatieve beoordelingen door de docent, door medeleerlingen, of door ouders. In de literatuur wordt er daarom ook wel gesproken van testangst (Zeidner, 1998).

Verschil met of zonder faalangst
Zo’n 20% ontwikkelt faalangst bij spannende omstandigheden. De overige 80% ervaart geen of weinig problemen. Wat deze laatste kinderen doen en/of kunnen is hulp zoeken waar nodig, communiceren en irrationele gedachten omzetten. De andere, kleinere groep vindt dat blijkbaar lastiger. Dat kan komen omdat ze het examen of de toets niet serieus hebben genomen en daardoor de vervelende gevolgen zullen ervaren. Of ze hebben wel goed voorbereid en hebben voldoende kennis, maar hun angst zorgt voor een spanning over het eindresultaat.

Wat kun je doen om dit aan te pakken?
1. Accepteer het probleem; erken de angst. Laat zien dat je fouten mag maken en steek dan energie in wat goed gaat. Leer leerlingen hun kijk op de werkelijkheid te zien. Een helpende vraag is bijvoorbeeld: ‘Wat zeg je tegen jezelf, als je spreekt met jezelf (een leerling praat zichzelf misschien mislukkingen aan en gaat er zo ook in geloven)?

2. Luister en kijk goed en oordeel vooral niet.

3. Laat leerlingen in contact komen met andere leerlingen die hetzelfde ervaren.

4. Zorg in je communicatie voor veel positieve feedback.

5. Zoek met de leerling wat zijn eigen bijdrage is aan het succes (successen worden vaak toegeschreven aan een ander/iets buiten zichzelf en mislukkingen juist bij zichzelf gezocht).

6. Onderzoek zorgvuldig de (on) mogelijkheden (haal de blaffende hond waar iemand bang voor is niet weg, maar onderzoek samen wat je kunt doen om het blaffen onder controle te krijgen).

(Deze tips komen o.a. uit: Mijland, I.: We moeten af van het idee dat faalangst iets abnormaals is. Decaan & Mentor 2011-10)

De Ruiterburcht is bezig met het ontwikkelen van een programma voor o.a. kinderen met faalangst. Meer informatie volgt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.